Meest voorkomende ANI's

Wij hebben de meest voorkomende redenen waarvoor ANI's worden verzonden op een rij gezet.

Voor een binnenvaartschip geldt dat, naast de gebruikelijke inschrijvingsvereisten, voor een hypotheekakte (artikel 24 Kadasterwet) op een binnenvaartschip ook dienen te worden vermeld:

  • de voorwaarden voor opeisbaarheid van de geldlening of een verwijzing naar een ingeschreven document waarin deze voorwaarden zijn vastgelegd; en
  • een opgave van de verschuldigde rente en de tijdstippen waarop deze rente vervalt. Van laatstgenoemde gegevens heeft de HR overigens bepaald dat vermelding niet nodig is als er sprake is van een bank- of krediethypotheek. Doet zich zo’n situatie voor dan zal de akte wel worden ingeschreven, ondanks het ontbreken van die gegevens.

Ontbreken de voorwaarden voor opeisbaarheid en/of een opgave van de rente en de tijdstippen waarop deze vervalt (met uitzondering van de bank/krediethypotheek) zal de akte niet worden ingeschreven en ontvangt u een Attendering op Niet Inschrijving (ANI).

In artikel 8:792 sub b BW, welke regeling nader is uitgewerkt in artikel 24 van de Kadasterwet, wordt melding gemaakt van de hiervoor omschreven inschrijvingsvereisten.

Een ter inschrijving aangeboden stuk dient de aard, de feitelijke omschrijving, van de onroerende zaak te vermelden. Het vermelden van de aard is van belang om de partijbedoeling met voldoende bepaalbaarheid te omschrijven, zoals artikel 3:84 lid 2 BW vereist.

De vermelding van de aard is tevens als inschrijvingsvereiste opgenomen in artikel 20 van de Kadasterwet. Ontbreekt de aard van de onroerende zaak dan weigert de bewaarder de inschrijving. De notaris ontvangt in dat geval een Attendering op Niet Inschrijving (ANI).

Een notariële verklaring van waardeloosheid moet voldoen aan de vereisten van artikel 35 van de Kadasterwet om ingeschreven te kunnen worden in de openbare registers. Als de verklaring niet voldoet aan deze vereisten wordt de verklaring niet ingeschreven en ontvangt u een Attendering op Niet Inschrijving (ANI). 

Vereisten op grond van artikel 35 van de Kadasterwet

Op grond van het wetsartikel moet de notariële verklaring van waardeloosheid voldoen aan de volgende 4 eisen: 

  1. De verklaring moet inhouden dat degenen te wier behoeve de inschrijving zou hebben gestrekt, schriftelijk hebben verklaard dat zij waardeloos is.  
  2. Deze schriftelijke verklaringen moeten aan de notariële verklaring worden gehecht en moeten tevens mede ingeschreven worden.  
  3. Tenzij het gaat om de waardeloosheid van een hypotheek of een beslag, moeten deze schriftelijke verklaringen van degenen te wier behoeve de inschrijving zou hebben gestrekt, ook de feiten bevatten waarop de waardeloosheid berust, en  
  4. tenzij het gaat om de waardeloosheid van een hypotheek of een beslag, moet de notaris verklaren dat de vermelde feiten een rechtsgrond voor de waardeloosheid van de inschrijving opleveren.  

Naast de voorwaarden van artikel 35 van de Kadasterwet moet bij de inschrijving van een verklaring van waardeloosheid ook voldaan worden aan de voorwaarden van artikel 18 en 19 van de Kadasterwet.   

Uitzonderingen op artikel 35 van de Kadasterwet 

Door de bewaarders van het kadaster en de openbare registers is een aantal uitzonderingen toegepast op de inschrijvingsvereisten van artikel 35 van de Kadasterwet. De notaris mag zelf (zonder partijen en zonder bijlagen) een notariële verklaring van waardeloosheid opstellen, als:  

  • de akte een dubbele inschrijving betreft. De dubbele inschrijving moet exact hetzelfde stuk betreffen (inhoudelijk dus gelijkluidend zijn). Let op: alleen het laatste stuk mag door de notaris zelf, dus zonder medewerking van partijen en zonder bijlagen, waardeloos worden verklaard.  Voor deze situatie is de Modelakte verklaring van waardeloosheid dubbele inschrijving beschikbaar gesteld op de pagina Modellen notariaat
  • het ter inschrijving aangeboden afschrift geen afschrift van de minuutakte is. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om een concept akte, een nog niet gepasseerde akte of wanneer een ter inschrijving aangeboden afschrift niet gelijk is aan de minuutakte). 
  • de akte geen partijen heeft (bijvoorbeeld een verklaring van erfrecht)  
  • de akte nietig was, bijvoorbeeld vanwege een te nauwe familieband tussen de notaris en één van de partijen (art. 19 Wet op het notarisambt), of 
  • de akte een doorhaling betreft van een reeds eerder doorgehaald stuk. De tweede doorhaling mag dan door de notaris zelf waardeloos worden verklaard. 

In deze uitzonderingsgevallen moet uit de verklaring van waardeloosheid blijken dat gebruik wordt gemaakt van 1 van de uitzonderingen. Ook moet blijken om welke uitzondering het gaat. De notaris moet daarnaast opnemen op welke feiten de waardeloosheid berust en verklaren dat deze feiten een rechtsgrond voor de waardeloosheid opleveren, tenzij het om de waardeloosheid van een hypotheek of beslag gaat.  

Notariële partijakte 

Het is ook mogelijk dat er een notariële partijakte strekkende tot waardeloosheid wordt ingeschreven. In deze partijakte moeten degenen te wier behoeve de inschrijving zou hebben gestrekt zelf verklaren dat zij waardeloos is. Tenzij het om de waardeloosheid van een hypotheek of beslag gaat, moet de akte de feiten vermelden waarop de waardeloosheid berust. Bovendien wordt de akte alleen ingeschreven als expliciet een notariële verklaring is opgenomen waaruit blijkt dat de door partijen vermelde feiten een rechtsgrond voor de waardeloosheid van de inschrijving opleveren.  
 

Modelverklaringen

Voor verschillende situaties zijn modelverklaringen van waardeloosheid beschikbaar. Bekijk de modelverklaringen op de pagina Modellen notariaat.

Er zijn uiteraard nog meer redenen voor ANI’s. Wilt u daar meer over weten? Neem dan contact op met de Bewaarderstelefoon via 088 - 183 22 42 of het Meldpunt notariaat.