BRK-PB releasenotes

Inhoud van de laatste releases

Vrije contour tekenen

Locatie: werkblad ‘Tekenen’

Met de functie ‘Tekenen’ kan een contour worden getekend en als GML-bestand lokaal worden opgeslagen bij de bronhouder.

Door in- en uitzoomen of het verschuiven van het kaartbeeld kan er worden genavigeerd. Ook het intikken en het selecteren van een adres (al of niet met postcode) in het invulveld leidt tot de gewenste locatie. Met het uitklapmenu ‘Selecteer kaarten’ kunnen onderdelen van de BRK, de BAG en de BGT worden aan- en uitgezet. Het gekozen kaartbeeld wordt pas bij een grote schaal zichtbaar. De volgorde van aan- en uitzetten bepaalt de zichtbaarheid van het kaartbeeld.

Met de knop ‘Tekenen aan’ wordt de tekenfunctie geactiveerd. In de kaart kan nu een hoekpunt van een vlak worden vastgelegd door op de linker muisknop te klikken. Een volgende klik maakt de eerste zijde van de veelhoek zichtbaar. Bij minimaal drie muisklikken is een vlak gevormd. Dubbelklikken op het laatste hoekpunt legt de veelhoek vast. Punten en lijnen zijn niet toegestaan als werkingsgebied. Er kunnen op deze wijze meerdere vlakken worden gevormd. De GML wordt dan als multipolygoon vastgelegd. Let er op dat vlakken elkaar niet raken of snijden. 

Met deze tekenfunctie kunnen vooralsnog geen vlakken met gaten (zogeheten donuts) worden gevormd. Bij een foutieve invoer kan het vlak met de functie ‘Wissen’ worden verwijderd. Er is geen snap-functie op objecten uit de BRK, BAG en BGT. Met de functie ‘Opslaan’ wordt de gecreëerde GML in de eigen werkomgeving opgeslagen. De browserfunctionaliteit bepaalt in welke map het bestand terecht komt. Het bestand kan daarna via het werkblad ‘Inschrijven’ (of bij een mutatie via het werkblad ‘Raadplegen’) aan de BRK-PB worden aangeboden. De tekenfunctie staat dus los van het inschrijvings- of wijzigingsproces.

Inschrijven beperking met een contour als werkingsgebied

Locatie: werkblad ‘Inschrijven’

Als de grondslag van een publiekrechtelijke beperking de contour als werkingsgebied toestaat wordt na selectie van CONTOUR gevraagd om een GML-bestand te selecteren. Dit selecteren kan door het bestand vanuit een lokale map naar het aangegeven vak te slepen of door het bestand in de map aan te klikken. Bij inschrijving is slechts één GML-bestand toegestaan. Na selectie wordt de geselecteerde GML getoond in de kaart, waarbij op basis van de GML wordt ingezoomd op het kaartbeeld. Ter referentie wordt tevens de kadastrale kaart als ondergrond afgebeeld. 

De GML kan worden verwijderd en het selectieproces kan worden herhaald. Na het verwijderen van een GML als werkingsgebied wordt het kaartbeeld pas ververst nadat een nieuwe GML is geselecteerd. Als GML kan een bestand gekozen worden dat met de functie ‘Tekenen’ is vervaardigd, maar ook GML’s die via een andere applicatie zijn aangemaakt kunnen worden aangeboden. 

Een GML die niet aan de technische inschrijvingsvereisten voldoet wordt direct na selectie afgekeurd. In de rode balk boven aan de pagina wordt dan aangegeven waarom de GML wordt afgekeurd. Een dergelijke GML wordt niet getoond in de kaart. Uit het zichtbaar worden van een GML kan daarom worden afgeleid dat het bestand aan de inschrijvingsvereisten voldoet.

Door de nieuwe werkwijze rond het aanbieden van GML’s is ook de user-interface voor het aanbieden van brondocumenten aangepast. Dit functie-onderdeel is nu in lijn gebracht met het selecteren van GML’s, waarbij geldt dat slechts één brondocument ter inschrijving kan worden aangeboden.
 

Wijzigen werkingsgebied

Locatie: tabblad ‘Raadplegen’

Een werkingsgebied bestaat uit 1 of meer objecten uit de basisregistraties BAG, BGT of BRK of uit handmatig ingetekende geometrie (contour). Het wijzigen van een werkingsgebied was niet mogelijk als dit gebied uit meer dan 50 objecten bestond. De functie ‘Wijzigen werkingsgebied’ biedt die mogelijkheid nu wel.

Na het aanroepen van de functie verschijnt een nieuw scherm, waarin het bestaande werkingsgebied in kolommen wordt gepresenteerd. Bij meer dan 50 objecten kan gebladerd worden naar een volgende pagina of volgende pagina’s. Door te klikken op de ‘-‘ aanduiding kan een object uit het werkingsgebied worden verwijderd. De identificatie wordt dan opgenomen in de lijst met te verwijderen objecten. Voor het toevoegen van een object dient de identificatie in de lijst met toe te voegen objecten te worden opgenomen. Er kunnen alleen objecten worden toegevoegd uit dezelfde registratie. Het minimumaantal objecten in een werkingsgebied bedraagt 1. Het verwijderen van alle objecten leidt dan ook tot een foutmelding.

Het wijzigen van een werkingsgebied vloeit voort uit een wijzigingsbesluit, een beslissing in administratief beroep of een rechterlijke uitspraak en heeft dus rechtsgevolg. Het bijbehorende brondocument wordt gelijktijdig met het wijzigen van het werkingsgebied ingeschreven in de openbare register. De ‘Datum kenbaarheid’ van besluit, beroep of uitspraak wordt met de wijziging in de BRK-PB opgenomen en door de bronhouder opgevoerd. 

Vereiste variabelen:

  • Te verwijderen objecten aangegeven met de objectidentificatie of kadastrale aanduiding
  • Toe te voegen objecten aangegeven met de objectidentificatie of kadastrale aanduiding
  • Na het ingeven van voorgaande twee soorten variabelen dient minimaal één objectidentificatie over te blijven
  • Datum kenbaarheid
  • Brondocument
  • Equivalentie- en essentialiaverklaring (aanvinken)

Verplichtingen wijzigen niet-valide objecten vervalt

In de vorige release gold de verplichting om bij het wijzigen van een werkingsgebied ook de niet-valide objecten te vervangen door valide objecten. Deze verplichting vervalt met versie 1.07. De functie ‘Wijzigen van een werkingsgebied’ is niet bedoeld om 1 of meer vervallen werkingsgebieden te actualiseren. We adviseren bronhouders dit actualiseren tot nader bericht te laten rusten.

Aanwijzen van een BGT-object als werkingsgebied

Locatie: tabblad ‘Inschrijven'

Een beperking kan worden ingeschreven met 1 of meer BGT-objecten als werkingsgebied. In het scherm ‘Inschrijven’ wordt in dat geval als ‘Type werkingsgebied’ voor ‘BGT’ gekozen. Op basis van de gekozen grondslag wordt de mogelijkheid om de BGT als werkingsgebied te kiezen al of niet aangeboden. Er zijn 6 toegelaten BGT-objecttypen als werkingsgebied: functioneel gebied, kunstwerkdeel, overbruggingsdeel, overig bouwwerk, scheiding, tunneldeel.  Het BGT-objectenhandboek geeft meer informatie over de betekenis van deze typen.

Een object aanwijzen kan door in het invulveld de identificatie ervan in te voeren (38 karakters – zonder koppeltekens) en het bijbehorende objecttype te selecteren. Meerdere objecten in 1 beperking voegt u toe aan het werkingsgebied met de ‘+’-knop. 

Een BGT-object kan ook worden geselecteerd op de kaart. Voor het selecteren maakt u gebruik van de PDOK-service voor de BGT. De geboden functionaliteit is hiervan afhankelijk. Om de BGT in beeld te krijgen selecteert u deze registratie als werkingsgebied. Voor een goede selectie van de objecten kan het nodig zijn in te zoomen op de kaart zodat de grootschalige topografie goed zichtbaar wordt. Als in het invul-vak in de kaart een (BAG-)adres wordt ingegeven dan wordt direct volledig ingezoomd. In de BGT-kaartlaag kunt u objecten aanklikken. Wordt een voor de Wkpb niet-toegelaten object geselecteerd, dan is dit object op de kaart gemarkeerd met een blauwe bies maar wordt de identificatie niet overgenomen in het invulveld. Selecteert u een voor de Wkpb toegelaten object, dan is het object op de kaart gemarkeerd met een blauwe bies en wordt de identificatie wel overgenomen in het invulveld. Onder dit veld staat welk objecttype is geselecteerd. Hiernaast wordt ter controle nog aangegeven welk subtype is geselecteerd.

Omdat BGT objecten ‘over elkaar heen’ kunnen liggen is het soms moeilijk en een enkele keer onmogelijk om objecten op de kaart te selecteren.  Zoom daarom zo ver mogelijk in voordat u een keuze maakt en controleer de gemaakte keuze goed.  Met de ‘-’ knop verwijdert u een object uit de lijst. Als u op deze wijze 1 of meer BGT-objecten selecteert, is het invoerproces verder gelijk aan het kiezen van objecten uit de BAG of de BRK als werkingsgebied.

Vereiste variabelen:

  • Grondslag
  • Type werkingsgebied: BGT
  • Werkingsgebied met identificatie van functioneel gebied, kunstwerkdeel, overbruggingsdeel, overig bouwwerk, scheiding en/of tunneldeel (minimaal 1 object)
  • Datum kenbaarheid
  • Datum in werking
  • Datum beëindiging (indien bekend bij inschrijving)
  • Brondocument
  • Equivalentie- en essentialiaverklaring (aanvinken)

Transitie met BGT-objecten

Maakt u voor de transitie gebruik van het beheerportaal, hebt u BGT-objecten als werkingsgebied en wilt u aansluiten op de BRK-PB? Dan is de laatste hobbel met versie 1.06 mogelijk weggewerkt.

Het transitieportaal biedt géén mogelijkheid om BGT-objecten als werkingsgebied te kiezen. Gaat uw gemeente via sheet en transitieportaal de transitie in en wilt u BGT-objecten als werkingsgebied aanwijzen? Neem dan contact op met het transitieteam Wkpb van het Kadaster.  Vermeld vast hoeveel beperkingen er bij benadering worden voorzien van BGT-objecten als werkingsgebied.

Wijzigen van een werkingsgebied

Locatie: tabblad ‘Raadplegen’

Een werkingsgebied van een bestaande beperking wijzigen, kan door een nieuw brondocument in te schrijven. Dit brondocument kan een wijzigingsbesluit zijn, een beslissing in administratief beroep of een rechterlijke uitspraak waaruit blijkt dat het werkingsgebied is gewijzigd. De wijziging kan een uitbreiding of een inkrimping van het gebied zijn. Bij een wijziging van een werkingsgebied door middel van een contour wordt het oude werkingsgebied geheel vervangen door de nieuw aangeleverde contour. Bij een wijziging van een werkingsgebied op basis van BAG-, BGT- of BRK-objecten moet minimaal 1 object als werkingsgebied overblijven. 

Eén of meer vervallen objecten in het werkingsgebied staat het wijzigen van dat werkingsgebied op basis van een besluit, een beslissing in administratief beroep of een rechterlijke uitspraak niet langer in de weg. De noodzaak om de beperking te beëindigen of te herroepen en vervolgens opnieuw in te schrijven met een ander werkingsgebied hoort hiermee tot het verleden.

Werkingsgebieden met meer dan 50 objecten kunnen nog niet gewijzigd worden. Hier wordt nog aan gewerkt. De functie ‘Wijzigen van een werkingsgebied’ is niet bedoeld om een of meer vervallen werkingsgebieden te actualiseren. Bronhouders wordt geadviseerd dit actualiseren tot nader bericht te laten rusten.

Vereiste variabelen:

  • Datum kenbaarheid
  • Brondocument
  • Equivalentie- en essentialiaverklaring (aanvinken)

Toegestane variabelen (1 variabele is vereist):

  • BAG-object (toevoegen en/of verwijderen)
  • BGT-object (toevoegen en/of verwijderen)
  • BRK-object (toevoegen en/of verwijderen)
  • Contour (vervangen)

Locatie: tabblad ‘Raadplegen’ – Detailscherm

Herroepen van een beperking

Een bestaande beperking kan worden herroepen (voorheen: ingetrokken) door een brondocument in te schrijven. Dit brondocument kan een intrekkingsbesluit zijn, een beslissing in administratief beroep of een rechterlijke uitspraak waaruit blijkt dat het oorspronkelijke besluit nooit had mogen worden genomen of had mogen worden ingeschreven.  Bij het herroepen van een beperking wordt de ‘Datum beëindiging’ gelijk gesteld aan de ‘Datum in werking’ waarmee duidelijk wordt gemaakt dat de beperkingen juridisch nooit heeft bestaan. Dit laat onverlet dat de beperking wel in kadastrale informatieproducten kan zijn opgenomen.

Vereiste variabelen:

  • Datum kenbaarheid

  • Brondocument

  • Equivalentie- en essentialiaverklaring (aanvinken)

Toevoegen van een brondocument

Een brondocument kan worden toegevoegd aan een bestaande beperking door deze in te schrijven. Dit brondocument kan een wijzigingsbesluit zijn, een beslissing in administratief beroep of een rechterlijke uitspraak. Indien met het document de attribuutwaarden ‘Werkingsgebied’ en/of de ‘Datum beëindiging’ veranderen, dienen de functies ‘Wijzigen van een  werkingsgebied’ danwel ‘Beëindigen beperking’ te worden gebruikt. Het toevoegen van een brondocument is met name bedoeld voor situaties waarbij de ontbindende voorwaarden om de beperking te beëindigen worden gewijzigd, bijvoorbeeld door veranderende eisen om een pand in de nieuwbouwstaat terug te brengen.

Vereiste variabelen:

  • Datum kenbaarheid

  • Brondocument

  • Equivalentie- en essentialiaverklaring (aanvinken)

Wijzigen van een werkingsgebied

Een werkingsgebied van een bestaande beperking kan worden gewijzigd door een nieuw brondocument in te schrijven. Dit brondocument kan een wijzigingsbesluit zijn, een beslissing in administratief beroep of een rechterlijke uitspraak waaruit blijkt dat het werkingsgebied is gewijzigd. Deze wijziging kan zowel een uitbreiding als een inkrimping van het gebied betreffen. Bij een wijziging van een werkingsgebied door middel van een contour wordt het oude werkingsgebied geheel vervangen door de nieuw aangeleverde contour. Bij een wijziging van een werkingsgebied op basis van BAG-, BGT- of BRK-objecten dient minimaal één object als werkingsgebied over te blijven. Werkingsgebieden met meer dan 50 objecten kunnen nog niet gewijzigd worden.

Vereiste variabelen:

  • Datum kenbaarheid

  • Brondocument

  • Equivalentie- en essentialiaverklaring (aanvinken)

Toegestane variabelen (1 variabele is vereist):

  • BAG-object (toevoegen en/of verwijderen)

  • BGT-object (toevoegen en/of verwijderen)

  • BRK-object (toevoegen en/of verwijderen)

  • contour (vervangen)

Vraag en antwoord

U kunt zich aanmelden voor onze RSS-feeds. Via de RSS-feed Wkpb houden we u op de hoogte van de BRK-PB releaseberichten. Via de RSS-reader krijgt u dan automatisch een melding als er een nieuw bericht online staat. 

U kunt RSS-feeds instellen met verschillende apps in de Google Play Store, App Store en browserextensies in bijvoorbeeld Chrome.