Hoe voorkom je achteruitgang van landschap en kust?

De zorgen over de kwaliteit van het landschap en de kust nemen toe. Met de juiste data kan gemeten worden hoe de omgeving zich ontwikkelt. Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) liet de dataverzamelingen Monitor Landschap en Kustpact Monitor maken om de veranderingen te kunnen volgen. Met bijdragen van het Kadaster.

Afstemming op nationaal niveau

Sinds 2010 is het beleid rond landschappen als de Veluwe en het Groene Hart vooral een provincietaak. In de jaren erna werd die taak steeds ingewikkelder. Het landschap staat onder grote druk van opgaven die ruimte vragen, zoals energietransitie en woningbouw. Deze opgaven vragen om afstemming op nationaal niveau. Dit zag ook het Rijk, vertelt David van Zelm van Eldik, programmaleider ONS Landschap (ministerie van BZK): “Met 5 ministeries vroegen we de provincies: vinden jullie het handig dat wij aansluiten? We waren welkom.”

Landschapsinclusief omgevingsbeleid

Dat landschapsbeheer weer een nationale aanpak krijgt, is ook vastgelegd in de Nationale Omgevingsvisie (NOVI). Van Zelm van Eldik: “De NOVI is weliswaar nog niet overal vertaald naar uitvoering, maar formuleert voor overheden wel al het uitgangspunt van landschapsinclusief omgevingsbeleid. Bij afwegingen rond gebiedsontwikkeling staan de kwaliteiten van het landschap centraal.”

Onderbuikgevoel onderbouwen met feiten

Om de veranderingen in het landschap te monitoren en het effect van beleid te controleren, zijn data nodig. “We hadden een onderbuikgevoel dat de kwaliteit van veel landschappen langzaam verschraald. Maar we hadden onvoldoende feiten om beleid op te baseren”, vertelt Van Zelm van Eldik.   De Monitor Landschap en de Kustpact Monitor kunnen die feiten leveren.

Om het jaar de stand van het landschap

De Monitor Landschap meet om het jaar de stand van het landschap. Hierbij wordt gekeken naar 6 criteria: bebouwing, openheid, opgaand groen, grondgebruik, reliëf en historische lijnelementen. Het Kadaster zorgt voor de data van bebouwing en reliëf. We leveren ook informatie voor opgaand groen.

Veranderingen in bebouwing en hoogteverschillen

“Voor de veranderingen in bebouwing vergelijken we elke 2 jaar data van gebouwen uit de Basisregistratie Adressen en Gebouwen”, aldus Paul Peter Kuiper, adviseur Projecten & Advies (Kadaster). “Die vullen we aan met de data van bebouwingsobjecten uit de Basisregistratie Grootschalige Topografie en Basisregistratie Topografie. Voor reliëf, de hoogteveranderingen, gebruiken we het Actueel Hoogtebestand Nederland. En voor opgaand groen leveren we gegevens uit de Basisregistratie Topografie over bossen en andere vegetatieve objecten.”

Kustpact voor bewaking kwaliteit kust

Aan de kust zijn onder andere zorgen over de toename van de hoeveelheid recreatieve bebouwing: vakantiewoningen, campings, hotels, strandpaviljoens. Om de kernkwaliteiten van de kust te bewaken, tekenden in 2017 alle overheden en een groot aantal maatschappelijke organisaties in de kustzone het zogeheten Kustpact. De data om de kernkwaliteiten te monitoren, komen uit 3 bronnen: de Monitor Landschap, onderzoek van de ANWB over de kustbeleving én onderzoek van het Kadaster naar de recreatieve bebouwing.

Selectie basisregistraties in Kustpact Monitor

Martin Tillema, adviseur Projecten & Advies (Kadaster), legt uit hoe je recreatieve bebouwing selecteert uit basisregistraties: “In de Basisregistratie Topografie zijn objecten als vakantieparken en campings te identificeren. Deze data koppelen we aan woningen met een logiesfunctie in de Basisregistratie Adressen en Gebouwen. Door daarbij ook naar bouwjaren te kijken kun je de ontwikkeling van het aantal vakantiewoningen volgen. Semipermanente bebouwing, zoals strandhuisjes of cabines, vergt wat meer handwerk. Topografen tekenden hiervoor 15.000 strandobjecten in op de kaart op basis van zomerluchtfoto’s.”

Datagedreven aanpak

“Het startpunt van de data is nu 1 januari 2018. We kunnen pas over een paar jaar echt veranderingen waarnemen”, aldus Van Zelm van Eldik. Hij is blij dat er nu een manier is om elke 2  jaar een set met goede data te maken. De nationale Monitor Landschap is volgens hem voor verschillende onderwerpen toepasbaar: “Kijk naar de explosieve toename van het aantal distributiecentra en datacenters. Hoe kun je die meer regionaal clusteren en ontsluiten? Dan wil je weten: hoeveel zijn er, waar liggen ze, hoe zijn ze verspreid? Die data hebben we nu beter ontsloten.”

Betrokken ministeries en partijen

De ministeries van BZK, OCW (Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen) en LNV (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit) gaven opdracht voor het maken van de dataverzameling Monitor Landschap. De Rijksdienst Cultureel Erfgoed is hoofdaannemer. Samen met Wageningen Environmental Research, LandschappenNL en Kadaster verzorgden zij de uitvoering en ontsluiting van de data. Het Planbureau voor de Leefomgeving zorgde voor de duiding.  

Zelf data downloaden voor beleidsvorming?

U kunt de data van de Monitor Landschap downloaden via de website MonitorLandschap.nl.

Terzake

Dit artikel verscheen ook in het Kadastermagazine Terzake van juni 2021. Meer artikelen lezen? Ga naar de pagina Terzake.

Terz@ke nieuwsbrief ontvangen?

In de artikelen uit ons Terzake-magazine vindt u achtergrondverhalen van het Kadaster. Met de digitale Terz@ke blijft u op hoogte van al ons nieuws. Wilt u deze ook in uw mailbox ontvangen? Meld u zich dan aan voor onze nieuwsbrief.