|
Introductie
De resultaten en conclusies van het onderzoek naar het nieuwe ontwerp
gegevensmodel TOP10NL staan beschreven in een aantal rapporten die
u kunt opvragen als PDF-bestand.
Ten behoeve van de ontwikkeling van TOP10NL zijn een aantal prototypes
vervaardigd in GML en Shape bestandsformaat.
Door de andere opzet van GML zijn er een aantal verschillen tussen
de shapefiles en de GML documenten:
- Het meest fundamentele verschil komt voort uit het feit dat er
in ArcView voor elk geometrie-type een aparte shapefile nodig is.
Een
shapefile waarin zowel punten als lijnen als vlakken voorkomen is
niet mogelijk. In een GML document is dat niet zo: het datamodel
gaat uit
van objecten (features), met daaraan gekoppeld nul of meer geometrieën.
Voorbeeld: in het nieuwe datamodel voor de Top10vector heeft een
'WegDeel' meestal een vlak (polygon) als geometrie, en meestal ook
een (hart)lijn
of een punt (als het vlak een kruising is). Hetzelfde object (met
als unieke sleutel 'top10_id') kan dus meerdere geometrieën
hebben. Datzelfde geldt voor 'WaterDeel' en 'SpoorbaanDeel'. Ook
het objecttype
'InrichtingsElement' kan meerdere verschijningsvormen hebben: lijn
of punt. Omdat er voor elk geometrie-type een aparte shapefile nodig
is, zijn er dus meer shapefiles dan objecttypen in GML.
- De shapefiles
kennen nog geen unieke ID, de objecten in de GML documenten wel.
- In
de shapefiles zijn per record de bron-attributen opgenomen (brontype,
bronbeschrijving, bronactualiteit, bronnauwkeurigheid).
Omdat de waarde
voor die attributen voor grote groepen objecten hetzelfde is (zelfde
tijdstip en methode van inwinning) is in het GML datamodel gekozen
voor een apart objecttype 'Bron' waarnaar verwezen wordt vanuit de
'echte' objecten via de referentiële sleutel 'bron_id'. Deze
brongegevens kunnen zowel in een apart XML document worden meegeleverd
als in het
GML document met de eigenlijke Top10 data.
- In de shapefiles kunnen
voor de attributen allerlei waarden voorkomen, er is geen controle
mogelijk op de inhoud. De GML documenten kunnen
wel gecontroleerd worden op inhoud, door ze te 'valideren' met
bijvoorbeeld XML Spy. Zo'n valideer-actie houdt o.a. in dat de GML
data wordt
vergeleken met de toegestane waarden zoals die in het bijbehorende
XML Schema
document zijn beschreven.
- Verder zijn er wat detailverschillen
tussen de shapefiles en de GML documenten: een ander veldtype,
bijv. numeriek i.p.v. string,
een andere volgorde van attributen.
| |
|
|